Er komt op basis van nieuw onderzoek meer ruimte om PFAS-houdende grond en bagger te verzetten. Dat schreef staatssecretaris Stientje van Veldhoven op 1 juli aan de Tweede Kamer. Gebaseerd op nieuwe onderzoeken van RIVM en Deltares biedt zij op drie fronten meer ruimte. Uitgangspunt is en blijft om mens en milieu te beschermen en tegelijkertijd de verantwoorde ruimte zoveel mogelijk benutten.

De eerste verruiming betreft een hogere achtergrondwaarde voor de landbodem. Het RIVM heeft 200 metingen door het hele land gedaan. Op basis hiervan kan een geactualiseerde achtergrondwaarde voor de landbodem voor PFAS worden vastgesteld op 1,4 µg/kg (dit was 0,8 µg/kg) voor zowel grond als bagger. Dit betekent dat er meer mogelijkheden zijn voor bouwers en baggeraars voor het aanbrengen van grond en bagger op de landbodem.

Een tweede verruiming betreft dat nu dezelfde regels voor grond en bagger gelden. Het RIVM heeft samen met Deltares de afgelopen maanden onderzoek gedaan en zij constateren nu dat grond zich net zo gedraagt als bagger. Dit betekent dat het verschil in regels tussen grond en bagger wegvalt. PFAS-houdende grond kan nu ook verantwoord worden toegepast in oppervlaktewater. Uitgangspunt blijft ook hier dat het oppervlaktewater beschermd is en de kwaliteit van de bodem niet slechter wordt.

Ten derde komt er meer ruimte voor het verantwoord toepassen van grond en bagger in 37 diepe plassen. Een knelpunt was dat alleen in diepe plassen, die in verbinding staan met de grote rivieren PFAS-houdende bagger toegepast kon worden. In geïsoleerde diepe plassen die niet in verbinding staan met andere wateren kon dit nog niet. Eerst moest onderzocht worden of -en onder welke omstandigheden het toepassen van PFAS-houdende grond en bagger uit de nabije omgeving van een geïsoleerde diepe plas verantwoord kan. Dat blijkt nu te kunnen. Ook blijkt uit de onderzoeken dat PFOS, een van de PFAS-stoffen, aanzienlijk minder voorkomt in regionale wateren dan in de grotere rijkswateren. Daarom komt er een regionale grenswaarde voor geïsoleerde diepe plassen: 1,1 µg/kg voor PFOS en 0,8 µg/kg voor PFAS. Daarmee kan tot dit niveau in geïsoleerde diepe plassen PFAS-houdende grond en bagger uit de nabije omgeving toegepast worden.

De betrokken sectoren hebben in de taskforce PFAS aangegeven dat met deze verruimingen het overgrote deel van de knelpunten opgelost is. In het najaar van 2020 wordt nog een aantal onderzoeken door het RIVM en Deltares uitgevoerd, waarna mogelijk aanpassingen volgen. Eind 2020 wordt het concept definitieve handelingskader verwacht en in 2021 wordt het definitieve handelingskader vastgesteld. Ondertussen blijft de staatssecretaris werken aan het voorkomen van PFAS-problemen aan de voorkant, met een Europees verbod op PFAS in alle niet-essentiële toepassingen.

Zie de website van de Rijksoverheid voor meer informatie.